Duur van het conflict
1996 - heden
Aard van het conflict
Regionale en interne oorlog. Betrokkenheid van buurlanden, waaronder: Rwanda, Oeganda, Angola, Zimbabwe en Namibië. Inheems conflict in het oostelijk deel van Congo tussen verschillende lokale en buitenlandse milities en het regeringsleger (FARDC).
Humanitaire aspecten
Human Development Index 20071: 139 (2006: 167) Naar schatting 5,4 miljoen doden, veelal als indirect gevolg van het conflict (onzekere voedselsituatie, geen toegang tot gezondheidszorg of hulporganisaties, etc.).2. +/- 1,1 miljoen ontheemden (internally displaced persons, IDP's)3 en 400.000 vluchtelingen4 in de buurlanden.
Kindsoldaten
Naar schatting 12.000 kindsoldaten5. Veel seksueel geweld.
Fase waarin land nu verkeert
Overgangsfase van oorlog naar vrede/ niet-intensief inheems conflict in oostelijk deel van Congo, ondanks de vredesovereenkomst van 2003 en de installatie van een nieuwe, democratisch gekozen president en parlement in 2006. Zwakke regeringsinstellingen en rechtssysteem. Grote delen van de provincies Zuid- en Noord-Kivu zijn nog steeds bijzonder onveilig vanwege de aanwezigheid van actieve gewapende groeperingen en ex-militieleden in het regeringsleger die trouw zijn aan andere leiders. De opbouw van één geïntegreerd regeringsleger verloopt traag en inefficiënt.
Problematiek
De oorlog heeft in grote delen van DR Congo geleid tot een ernstige verslechtering van de sociaal-economische situatie. De bevolking heeft nauwelijks toegang tot gezondheidszorg of onderwijs. 4,7 miljoen kinderen, bijna de helft van alle kinderen in de lagereschoolleeftijd, hebben geen enkel onderwijs gevolgd. De onveilige situatie op het platteland heeft in grote delen van het land geleid tot een onzekere voedselsituatie, wat heeft geleid tot een zeer hoog sterftecijfer.
Kinderen
Volgens UNICEF sterven er dagelijks 600 kinderen als indirect gevolg van de oorlog. Daarnaast zijn veel kinderen direct getroffen door het conflict. Zij hebben familieleden verloren, zijn slachtoffer geworden van seksueel geweld, zijn getuige geweest van wreedheden, zagen zich gedwongen te vluchten of zijn gerekruteerd als kindsoldaten. Veel mensen van het onveilige platteland hebben hun toevlucht gezocht in de stad Bukavu. Dit heeft geleid tot een verdere verslechtering van de situatie in de stad. Het ontbreekt talloze kinderen aan zorg en bescherming, waardoor ze zijn blootgesteld aan marginalisatie en exploitatie.
Kinderen in gewapende groeperingen
Naar schatting 12.000 kinderen maken deel uit van gewapende groeperingen of worden vermist. Veel kindsoldaten in DR Congo zijn ontvoerd en gedwongen om zich bij een gewapende groep aan te sluiten, vooral door lokale milities, die plunderend door het land trekken. Sommige kinderen sluiten zich 'vrijwillig' bij gewapende groeperingen aan als gevolg van de slechte economische situatie, op zoek naar bescherming, of omdat ze wraak willen nemen voor wat hun is aangedaan. Soms worden ze zelfs door hun familie gestimuleerd om zich bij gewapende groeperingen aan te sluiten.
1 Human Development Index 2007: Deze index van de Verenigde Naties is een rangschikking van landen naar hun ontwikkeling (gemeten op armoede, analfabetisme, onderwijs en levensverwachting).
2 IRC Mortality Survey, januari 2008.
3 Internal Displacement Monitoring Center, website: http://www.internal-displacement.org/8025708F004CE90B/(httpPages)/22FB1D4E2B196DAA802570BB005E787C?OpenDocument&count=1000
4 UNHHCR 2007.
5 UNICEF2006, Child Alert: Democratic Republic of the Congo, website: http://www.unicef.org.uk/publications/pdf/drcchildalert.pdf